Edward Vanhoutte – Coördinator CTB

edward.vanhoutte@kantl.be

  1. Inleiding
  2. Werkjaar 2006
    1. (Literaire) teksteditie
      1. Richard Minne. Geannoteerde leeseditie van de literaire columns in de krant Vooruit (1946-1965)
      2. Paul Snoek. Kritische leeseditie van het volledig dichtwerk
      3. Spelen van Sinne. Tekstuitgave van de editie van Willem Silvius (Antwerpen, 1562).
      4. Stijn Streuvels, Heule (1942). Tekstkritische editie.
      5. Stijn Streuvels, Werkmenschen. Tekstkritische editie
      6. Eddy Van Vliet. Kritische leeseditie van het volledig dichtwerk
      7. Joris Vriamont en Richard Minne: Leesuitgave van de Briefwisseling (1931-1960)
    2. Talige Bronnenstudie
      1. Talige aspecten van recht en gerecht in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden (1815-1830)
      2. Databank van veertiende-eeuwse niet-literaire Nederlandse teksten. Opbouw en linguïstisch onderzoek
    3. ICT, teksttechnologie en ontwikkeling
      1. Anna Bijns: elektronische editie van het volledige dichtwerk.
      2. Johan Daisne, De trein de traagheid op CD-ROM
      3. DALF (Digital Archive of Letters in Flanders)
      4. TEI by Example
    4. Projectondersteuning
  3. Wetenschappelijke werking
    1. Wetenschappelijke adviescommissies
      1. Gemengde Commissie voor Literaire Teksteditie (GCT)
      2. Gemengde Commissie voor Talige Bronnenstudie (GCB)
    2. Publicaties, lezingen en gastcolleges
    3. Colloquia en studiedagen
    4. Gastcollege
    5. Overige activiteiten
    6. Onderwijs
    7. CTB Prijs voor Teksteditie 2005
    8. Samenwerking en contacten
      1. Internationaal
      2. Nationaal
  4. Publiekswerking
    1. Website
    2. Evenementen
  5. Administratieve werking
    1. Handboek
    2. Personeel
    3. Communicatie
    4. Secretariaat

1. Inleiding

Het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (CTB) verricht als onderzoekscentrum van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (KANTL) fundamenteel en toegepast wetenschappelijk onderzoek op het vlak van de teksteditie, de ontsluiting van het literair en intellectueel Nederlandstalig erfgoed en de literaire, talige en intellectuele bronnenstudie. Tot dit werkveld behoren de disciplines van de editiewetenschap, de teksteditie, de dialectologie en het onderzoek van historische corpora. Speciale aandacht gaat naar het gebruik van teksttechnologie en geavanceerde ICT in het onderzoek.

Jaar op jaar bewijst het CTB dat het met een al bij al beperkt onderzoeksbudget, integraal ter beschikking gesteld door de KANTL, een maximale werking en output weet te genereren. Dit jaarverslag is daarvan het zevende bewijs op rij. Maar ook dit jaar waren er bij het CTB weer meer plannen dan geld om ze te realiseren, met name op het gebied van humanities computing. Door een samenwerking met The Centre for Computing in the Humanities van King's College London, The School of Library, Archive, and Information Studies van University College London en de Association for Literary en Linguistic Computing die een beroep deden op de hoog aangeschreven internationale expertise van het CTB m.b.t. humanities computing, wist het CTB zijn onderzoeksbudget voor 2006 met 6,5% te verhogen. Met dit extra budget werd het project TEI by Example opgestart dat in 2007-2008 moet resulteren in een reeks on-line instructiemodules over het gebruik van de text-encoding strategie die door het Text Encoding Initiative Consortium wordt voorgesteld voor onderzoek in de humane wetenschappen. Deze opdracht is een expliciete uiting van vertrouwen vanwege de internationale onderzoeksgemeenschap voor het innovatieve onderzoeksbeleid dat gevoerd wordt.

In 2006 gingen er vijf nieuwe projecten van start. Tot de literaire tekstedities horen de projecten rond de literaire columns van Richard Minne en de gedichten van Eddy Van Vliet. Met het Minneproject bevestigt het CTB weer maar eens de profilering van de KANTL als voorloper in de recent zeer intensief geworden studie van en over Richard Minne, wellicht een van de interessantste Vlaamse dichters en critici uit de eerste helft van de vorige eeuw. De kritische uitgave van het volledig dichtwerk van Eddy Van Vliet past in de aandacht die het CTB sinds enkele jaren schenkt aan de uitgave van poëtische oeuvres. In de voorbije jaren resulteerden projecten van het CTB in de goed onthaalde uitgaven van de gedichten van Jos de Haes, Hugues C. Pernath en Paul Snoek en van de debuutbundel van Hugo Claus. Een derde nieuw project bevindt zich in het onderzoeksgebied van de ICT en de teksttechnologie en is een samenwerkingsproject met Johan Oosterman van de Radboud Universiteit Nijmegen. Het doel is de elektronische editie van het volledig dichtwerk van Anna Bijns die zowel on-line zal worden gepubliceerd, als de basis zal vormen voor de te verschijnen uitgave van Bijns verzamelde werken dat in 2010/2011 als een van de laatste delen in de Deltareeks zal verschijnen. Het CTB verzorgt voor dit project het volledige elektronische luik, van de opleiding van de Nijmeegse projectmedewerkster, over de collatie van de bronnen, tot de creatie van de elektronische editie. Voor dit project wordt vanzelfsprekend gebruik gemaakt van de text-encoding standaarden van het TEI-Consortium. Vanwege de expertise op het vlak van de text-encoding en het organiseren van opleidingen hierover, werd het CTB door internationale partners aangezocht om het extern gefinancierde project TEI by Example te concipiëren en uit te voeren. Binnen het onderzoeksveld van de talige bronnenstudie werd een kosrtlopend project gedefinieerd en uitgevoerd dat input leverde voor het grotere project Databank van veertiende-eeuwse niet-literaire Nederlandse teksten. Opbouw en linguïstisch onderzoek.

Dit laatste (deel)project werd binnen 2006 voltooid. Ook twee andere projecten zagen hun voltooiing, met name de kritische leeseditie van het volledige dichtwerk van Paul Snoek die verscheen bij Atlas/Lannoo en het project Talige aspecten van gerecht, onderwijs en politiek in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden dat resulteerde in een on-line publicatie van een database waaraan ca. 10.000 beeldbestanden zijn gekoppeld (http://ahds.ac.uk/catalogue/collection.htm?uri=lll-2515-1.

Voor de periode 2007-2010 werden twee FWO-projecten gehonoreerd waarvan er één integraal door het CTB wordt uitgevoerd. Aan het tweede project zal het CTB een essentiële bijdrage leveren. Het gaat om de respectieve projecten Corpusverzameling en online editie van de correspondentie rond het tijdschrift Van Nu en Straks waarvan de Vast Secretaris van de KANTL promotor is en Computationele Technieken voor Stylometrie voor het Nederlands waarvan de coördinator van het CTB co-promotor is.

Op het vlak van de publicaties was 2006 een topjaar. Maar liefst zes zelfstandige publicaties verschenen als resultaat van het onderzoek aan het CTB: drie edities, een monografie, en twee bundels met theoretische essays. Verder publiceerden de wetenschappelijke medewerkers zeventien artikelen en evenveel recensies in tijdschriften, boeken en kranten. Ze hielden negen lezingen en verzorgden twee gastcolleges.

In 2006 fluctueerde het personeelsbestand sterk. Op een totaal van elf personen verlieten maar liefst vijf wetenschappelijke medewerkers in 2006 het CTB wegens het einde van hun contract. Marleen Smeyers beet de spits af in januari en ze werd gevolgd door Filip Devos, Barbara Van den Bossche en Isabel Rotthier in juni, Christophe Van der Vorst in augustus, en Bert Van Raemdonck in september. Deze laatste heeft gedurende de afwezigheid van Edward Vanhoutte het CTB vakkundig geleid. Vanaf 1 oktober nam Edward Vanhoutte zijn taak van coördinator weer op. Maar het CTB verwelkomde ook een nieuwe onderzoekster. Els Van Damme zette vanaf 1 oktober haar tanden in Richard Minnes literaire columns in de krant Vooruit.

Belangrijke evenementen van het CTB in 2006 waren de deelname aan de erfgoeddag, de uitreiking van de CTB Prijs voor Teksteditie aan Christophe Van der Vorst, het bezoek van studenten Nederlands van de universiteiten van Debrecen, Boedapest en Wenen en de studienamiddag en hommage gewijd aan Paul Snoek. Dit laatste was een avondvullend programma waarbij zes dichters naast eigen werk hun favoriete gedicht uit de nieuwe editie van Snoeks gedichten voorlazen.

Top

2. Werkjaar 2006

In 2006 voerde het CTB 13 wetenschappelijke projecten uit. Er werden vijf nieuwe projecten opgestart:

  • Anna Bijns: elektronische editie van het volledige dichtwerk.
  • Geannoteerde leeseditie van Richard Minnes literaire columns in de krant Vooruit (1946-1965).
  • Kritische leeseditie van het volledig dichtwerk van Eddy Van Vliet.
  • Databank van veertiende-eeuwse niet-literaire Nederlandse teksten. Opbouw en linguïstisch onderzoek.
  • TEI by Example

Daarnaast werd verdergewerkt aan acht reeds lopende projecten:

  • Johan Daisne, De Trein der traagheid op CD-ROM.
  • DALF: Digital Archive of Letters in Flanders.
  • Spelen van Sinne. Tekstuitgave van de editie van Willem Silvius (Antwerpen, 1562).
  • Kritische leeseditie van het volledig dichtwerk van Paul Snoek.
  • Stijn Streuvels. Heule (1942). Tekstkritische editie.
  • Stijn Streuvels. Werkmenschen. Tekstkritische editie.
  • Talige aspecten van recht en gerecht in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden (1815-1830)
  • Joris Vriamont en Richard Minne: Leesuitgave van de Briefwisseling (1931-1960)

De projecten kunnen worden onderverdeeld in drie thematische gebieden: (literaire) teksteditie en intellectueel erfgoed, talige bronnenstudie en tot slot Humanities Computing waarin ICT, teksttechnologie en ontwikkeling zit vervat.

http://www.kantl.be/ctb/project/

Top

2.1. (Literaire) teksteditie en intellectueel erfgoed

2.1.1. Richard Minne. Geannoteerde leeseditie van de literaire columns in de krant Vooruit (1946-1965)
[Uitvoerder: Els Van Damme]

De Vlaamse dichter en journalist Richard Minne (1891-1965) schreef jarenlang bijdragen voor de cultuurpagina van de Gentse socialistische krant Vooruit. Vanaf 14 januari 1934 schreef Minne - op enkele uitzonderingen na - wekelijks een bijdrage voor de krant (in het bijzonder in de rubriek: 'Wat de tijdschriften ons brengen' (van 13 mei 1934 tot 21 juni 1936), op pagina 8 van Vooruit). Voor de Tweede Wereldoorlog redigeerde Minne met Achilles Mussche en Raymond Herreman de cultuurpagina 'Het Geestesleven'; na 1944 was hij hoofdredacteur van de culturele rubriek.

In de loop van ruim drie decennia schreef Minne over algemeen-culturele, 'algemeen-menselijke' en ook sociale en politieke onderwerpen. Zo publiceerde hij vanaf 1944 (tot zijn pensionering in 1957) dagelijks een aflevering in de rubriek 'In 20 lijnen' (steeds op de tweede pagina van de krant, in totaal meer dan tweeduizend afleveringen), en geregeld ook literaire kritieken in 'Het Geestesleven'. Vele bijdragen zijn opgenomen in rubrieken: 'Panorama van de letteren' (van 7 november 1946 tot 8 juli 1948), 'De oneerbiedige pen' (van 29 juli 1948 tot 27 april 1957), 'Brieven aan een lezeres over de Franse letteren' (van 30 juni 1949 tot 16 februari 1951) en 'Met het potloodstompje' (van 9 november 1951 tot 31 maart 1956). Sinds zijn pensionering schreef Minne wekelijks een aflevering voor de rubriek 'Pro en contra', alsook een wekelijkse 'Brief van Pierken'. Voor beide rubrieken leverde hij kopij tot vlak voor zijn overlijden op 1 juni 1965.

Het literatuurkritische werk van Richard Minne is niet gebundeld en evenmin bestudeerd. Het wetenschappelijke Minne-onderzoek spitste zich tot vandaag toe op de poëzie en het verhalend proza, en op het biografische onderzoek van Marco Daane. Ook in de biografie De vrijheid nog veroveren. Richard Minne 1891-1965 (De Arbeiderspers, 2001) wordt nagenoeg geen aandacht besteed aan Minnes literaire kritieken. Een bundeling, editie en annotatie van alle opstellen moet de onderzoeker in staat stellen een (tekstextern) expliciet poëticaal onderzoek te verrichten, en de bestaande inzichten omtrent de poëticale opvattingen van de schrijver te verruimen, te nuanceren en indien nodig te corrigeren.

Bij de start van het project werd een uitgebreide secundaire bibliografie opgesteld en werd het bronnenmateriaal verzameld. De afleveringen van de rubrieken 'Panorama van de letteren' (1946-1948, 20 afleveringen), 'Brieven aan een lezeres over de Franse letteren' (1949-1951, 13 afleveringen) en 'Met het potloodstompje' (1951-1956, 24 afleveringen) evenals de vijf literatuurkritische bijdragen zonder rubriekstitel uit 1951 waren bij de aanvang van het project al geïnventariseerd. De columns dienden enkel te worden gelokaliseerd in de mappen waarin Minne de pagina's van 'Het Geestesleven' tussen 1946 en 1956 heeft verzameld. De 411 bijdragen voor 'Pro en contra' (1957-1965) werden eveneens door Minne zelf verzameld en per jaargang in een map ingekleefd. Deze teksten worden in de eerste trimester van 2007 bibliografisch beschreven.

Zodra het bronnenmateriaal was verzameld, werd het hele tekstencorpus een eerste keer aandachtig doorgenomen. Bij elke column werd een aantal relevante aantekeningen gemaakt (o.a. over de behandelde auteurs en literaire werken, poëticale uitspraken, verwijzingen naar artikelen in binnen- en buitenlandse tijdschriften, etc.) en er werd een personenregister aangelegd. Na deze verkennende lectuur van Minnes literatuurkritische bijdragen werd gestart met het teksteditorisch onderzoek. Problemen of onduidelijkheden die zich bij de constitutie van de leestekst stelden, werden op regelmatige basis besproken met de promotor.

Op het eind van 2006 waren 90 teksten geëditeerd:

  • 'Brieven aan een lezeres over de Franse letteren': 5 columns
  • 'Met het potloodstompje': 14 columns
  • 'Pro en contra': 70 columns, augustus 1958-december 1959

Top

2.1.2. Paul Snoek. Kritische leeseditie van het volledig dichtwerk
[Uitvoerder: Christophe Van der Vorst]

In 2006 werden alle teksten voor de editie afgewerkt en aangeleverd: de cover, eerste bladzijden; de basistekst van het gebundeld werk, van de verspreid gepubliceerde gedichten, van de ongepubliceerde gedichten; de verantwoording; de aantekeningen bij de gedichten; de primaire en secundaire bibliografie; het register op titels en beginregels; de inhoudstafel; de achterflap en laatste bladzijden.

De wetenschappelijke adviescommissie die het editiewetenschappelijke werk begeleidde bestond uit: Peter de Bruijn, Joris Gerits, Annemarie Kets, Marita Mathijsen, Anne Marie Musschoot, Yves T'Sjoen, Leen van Dijck en Bert Van Raemdonck.

Dit project eindigde - ruim binnen de begrote looptijd - op 8 maart 2006 en resulteerde in:

  • Paul Snoek. Gedichten. Tekstkritische leeseditie door Christophe Van der Vorst en Yves T'Sjoen. Met een nawoord van Paul Demets. Tielt: Lannoo/Atlas, 2006. ISBN: 978-90-774-4161-9.
  • Studienamiddag en Hommage Paul Snoek. Gent: KANTL, 20 oktober 2006.

Top

2.1.3. Spelen van sinne. Tekstuitgave van de editie Willem Silvius (1562)
[Uitvoerder: Ruud Ryckaert]

In dit vierde projectjaar werd het project, op enkele details na, afgerond.

De laatste haagspelteksten uit de dubbeluitgave Spelen van sinne werden geëditeerd. Het betreft de bijdragen van De Heybloeme van Turnhout, die van De Corenbloeme van Brussel, de voorwerkteksten en het afscheidsspel van de organiserende Violierenkamer. Daarmee zijn alle teksten uit beide bundels getranscribeerd en geannoteerd. Vervolgens werden alle landjuweel- en haagspelbijdragen per kamer gebundeld, en de tientallen gedigitaliseerde houtsneden van de blazoenen, poëtische punten en togen werden daaraan toegevoegd.

De editieverantwoording werd opgesteld waarin de transcriptieregels, een aantal typografische omzettingen, de spelling en interpunctie en de wijze van annoteren worden besproken. De verantwoording biedt ook een alfabetisch inhoudsoverzicht met bronacroniemen en een lijst met emendaties.

Er werden vijf commentaarhoofdstukken geschreven. In het eerste hoofdstuk wordt de landjuweeltraditie en de organisatie van het Antwerpse dubbeltornooi besproken. In hoofdstuk 2 komt zowel de zonderlinge ontstaansgeschiedenis van de editie Silvius als de opmerkelijke carrière van uitgever Willem Silvius - koninklijk drukker zonder drukpers! - aan bod. Aan de hand van het lettertypeonderzoek van Paul Valkema Blouw wordt in dit hoofdstuk het drukwerk van Christoffel Plantijn, Gillis Coppens van Diest en Ameet Tavernier nader besproken. Voorts worden alle in de editie Silvius gebruikte lettertypes geïdentificeerd en worden per drukker alle initialen en typografische ornamenten gecatalogeerd en digitaal gereproduceerd. Het typografisch materiaal van twaalf representatieve bladzijden is nader toegelicht. In het derde hoofdstuk worden de verschillende tekstgenres in de editie Silvius besproken en wordt kort ingegaan op de thematiek. In hoofdstuk 4 is het taalkundige en stilistische aspect van de landjuweel- en haagspelbijdragen aan de orde, met aandacht voor de Brabantse dialectkenmerken, voor het wisselend vocalisme dat door dialectvermenging en umlauts-werking tot stand kwam en voor het dynamisch consonantisme dat het taalgebruik van alle kamer-factors kenmerkt. Na enkele korte opmerkingen over het naamvalssyteem is er ruime aandacht voor de retoricaal-grammaticale kenmerken van de rederijkerstaal. Elk van deze stijlkenmerken is geïllustreerd met een representatieve selectie tekstvoorbeelden. Dit hoofdstuk ontlast de annotaties van al te zware taalkundige opmerkingen. In hoofdstuk 5 zijn tot slot het rijm, de prosodie en de strofische vormen aan de orde. Rijmsoorten worden besproken en met tekstvoorbeelden geïllustreerd, rijmschema's worden geanalyseerd en in tabellen schematisch samengevat. Ook de strofische vormen binnen de speelteksten worden hier belicht. Er wordt met steekproeven nagegaan of de kamersfactors zich hielden aan de voorschriften van de Charte en het Totten goetwillighen Leser inzake verslengte (nl. het respecteren van de Brabantse maat) en het verbod op het hernemen van rijmparen binnen de vijftig verzen.

Van alle spelen van sinne en van alle blazoenpresentaties werd een analytische inhoudsopgave gemaakt. De medewerker opteerde niet voor een schematisch overzicht van de tekststructuur, maar voor een vlot leesbare tekst, onderverdeeld in bedrijven en scènes. Die onderverdeling gebeurde op basis van de pausa's (in de marge), het opkomen of afgaan van personages of het vertonen van een toog. Elke analytische inhoudsopgave van een spel bedraagt twee à drie bladzijden; de bespreking van de inhoud van de presentaties is beperkt tot maximum tien regels. zullen direct voor de geannoteerde bijdragen van elke kamer ingevoegd worden.

Drie registers werden opgemaakt en voltooid. Het betreft ten eerste een woordenlijst van ca. 5.800 lemmata, waarin uitsluitend woorden en zegswijzen opgenomen zijn die in het hedendaags taalgebruik verdwenen of sterk verouderd zijn of die een betekenisverandering hebben ondergaan. Elk van deze woorden en uitdrukkingen is minstens éénmaal in de annotaties toegelicht. De lijst is complementair met het hoofdstuk over de taal en stijl van de bijdragen in de editie Silvius en geldt meermaals als een noodzakelijke aanvulling op het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT), het Middelnederlands Woordenboek (MNW) en het Rethoricaal Glossarium (RG). Twee kleinere registers zijn het naamregister en het bijbelplaatsregister. De lemmata in het naamregister omvatten namen, titels, deviezen en citaten die in de landjuweel- en haagspelteksten zelf voorkomen. De persoons- en plaatsnamen, evenals de namen van Latijnse personificaties en kunsten, staan in romein. Titels van boeken, Latijnse citaten en deviezen zijn gecursiveerd. Bij de namen van de kamers staan, indien bekend, ook die van de prins, hoofdman en/of factor cursief vermeld. De namen van spelende personages zijn in klein kapitaal gezet. In het derde register zijn ten slotte alle bijbelplaatsen opgenomen die in de landjuweel- en haagspelbijdragen geïdentificeerd konden worden en als zodanig in de annotaties geciteerd of vermeld staan. Ook bijbelwoorden waaraan kenmerkende beeldspraak ontleend is, worden vermeld.

Tot slot verschijnt er sinds augustus 2006 maandelijks een column in Ondernemers het blad van VOKA-Kamer van Koophandel Antwerpen-Waasland over het Antwerpse landjuweel van 1561. De columnreeks loopt tot augustus 2007. De volgende colums verschenen in 2006:

  • Ryckaert, Ruud. 'Een brief uit 1561. Aflevering 1: De blijde intocht.' Ondernemers. Voka – Kamer van Koophandel Antwerpen-Waasland, 7/8 (augustus 2006), p. 76.
  • Ryckaert, Ruud. 'Een brief uit 1561. Aflevering 2: De zotte narren.' Ondernemers. Voka – Kamer van Koophandel Antwerpen-Waasland, 7/9 (september 2006), p. 84.
  • Ryckaert, Ruud. 'Een brief uit 1561. Aflevering 3: Eendracht maakt macht.' Ondernemers. Voka – Kamer van Koophandel Antwerpen-Waasland, 7/10 (oktober 2006), p. 83.
  • Ryckaert, Ruud. ‘Een brief uit 1561. Aflevering 4: 't Schoon Verdiep in opbouw.' Ondernemers. Voka – Kamer van Koophandel Antwerpen-Waasland, 7/11 (november 2006), p. 83.
  • Ryckaert, Ruud. 'Een brief uit 1561. Aflevering 5: Nadorst ontstond in Antwerpen.' Ondernemers. Voka – Kamer van Koophandel Antwerpen-Waasland, 7/12 (december 2006), p. 80.
  • Ryckaert, Ruud. 'Een brief uit 1561. Aflevering 6: De smulpapeneed.' Ondernemers. Voka – Kamer van Koophandel Antwerpen-Waasland, 8/1 (december 2006), p. 68.

Het project genereerde de volgende lezingen:

  • Ryckaert, Ruud. Kleurensymboliek bij de 16de eeuwse rederijkers. Gent, KANTL, 23 april 2006.
  • Ryckaert, Ruud.D'agricultura die gaghet al te boven. Vroeggeorgische poëzie op het Antwerpse haagspel van 1561. Symposium door de vakgroep Nederlandse Literatuur en Algemene Literatuurwetenschap van de Universiteit Gent aangeboden aan Werner Waterschoot ter ere van zijn pensionering. Gent: KANTL, 21 september 2006.
  • Ryckaert, Ruud. Een creatieve dwarsligger uit Aalst op het Antwerpse landjuweel van 1561. Lezing. Met eigen ogen – De rederijker als dichtend individu (1450-1600). Gent: KANTL, 1 december, 2006.

Top

2.1.4. Stijn Streuvels, Heule (1942). Tekstkritische editie.
[Uitvoerder: Edward Vanhoutte]

Voor dit project is geen extra budget voorzien, waardoor de coördinator van het CTB het uitvoert in perioden dat daar even tijd voor is. Aangezien zijn contract van 1 januari tot 30 september 2006 werd opgeschort, zijn er voor deze editie weinig vorderingen gemaakt. De uitvoering van het project zal starten in het najaar 2007.

Top

2.1.5. Stijn Streuvels, Werkmenschen. Tekstkritische editie
[Uitvoerder: Edward Vanhoutte]

Voor dit project is geen extra budget voorzien, waardoor de coördinator van het CTB het uitvoert in perioden dat daar even tijd voor is. Aangezien zijn contract van 1 januari tot 30 september 2006 werd opgeschort, zijn er voor deze editie weinig vorderingen gemaakt. De basistekst werd gedigitaliseerd en een verklarende woordenlijst werd opgesteld. De verdere uitvoering van het project zal starten in het najaar 2007.

Top

2.1.6. Eddy Van Vliet. Kritische leeseditie van het volledig dichtwerk
[Uitvoerder: Christophe Van der Vorst]

Gezien het gunstige verloop van het project Paul Snoek. Kritische leeseditie van het volledig dichtwerk werd de uitgave van het volledig dichtwerk van Eddy van Vliet aangevat.

In een eerste fase werden de literaire archivalia in openbaar bezit (openbare en universitaire bibliotheken, Stadsbibliotheek Antwerpen, AMVC-letterenhuis) geïnventariseerd met als resultaat een voorlopige bibliografische lijst van Van Vliets gedichten gepubliceerd in twintig bundels en verschillende tijdschriften. Vervolgens werden alle bronnen noodzakelijk voor de editie opgespoord - onder abstractie van de bronnen in het archief van Vliet die door de erven worden beheerd - en getranscribeerd. Er werd ook een begin gemaakt met het variantenonderzoek. De primaire bibliografie werd samengesteld en een groot deel van de 'Aantekeningen bij de gedichten' is uitgeschreven. De tekst voor de verantwoording bij de editie werd in de steigers gezet.

Dit project was niet gefinaliseerd bij het einde van het contract van de projectmedewerker op 31 augustus 2006. De afgewerkte editie wordt eind maart 2007 aangeleverd bij uiteverij De Bezige Bij.

Top

2.1.7. Joris Vriamont en Richard Minne: Leesuitgave van de Briefwisseling (1931-1960)
[Uitvoerder: Marleen Smeyers]

Dit project omhelsde inventarisatie, transcriptie volgens de richtlijnen van DALF en annotatie en editie van de briefwisseling. Het editiewerk zal resulteren in een commerciële boekuitgave bij Manteau/Meulenhoff (2008) en een digitale editie die deel uitmaakt van het DALF-brievenbestand. In de leesuitgave wordt een beknopte tekstverantwoording en een contextualiserend nawoord opgenomen.

Dit project eindigde op 3 januari 2006. Doordat er in de loop van het project nog een aantal brieven opdook, werd deze editie niet binnen de voorziene pojecttijd afgerond. De projectmedewerkster heeft het CTB verlaten na afloop van het project. De finalisering van de editie wordt verwacht tegen eind 2007.

Top

2.2. Talige Bronnenstudie

2.2.1. Talige aspecten van recht en gerecht in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden (1815-1830)
[Uitvoerder: Isabel Rotthier m.m.v. Ron Van den Branden en Cindy Holtyzer]

Tijdens het eerste trimester van 2006 werd de digitalisering van de geselecteerde archiefstukken door Microfilm Technik ter plaatse opgevolgd en begeleid. De beelden, iets minder dan tienduizend in totaal, werden opgeslagen op 44 DVD's. De digitale beelden werden gecontroleerd op volledigheid en kwaliteit. Daarnaast werd gewerkt aan de noodzakelijke metadata bij de digitale beelden. Samen met Ron Van den Branden werd er vervolgens een demo ontwikkeld om een idee te krijgen van de manier waarop de digitale beeldbank kan worden opgevat. Als voorbeeld voor die demo gold het Oxenstierna-project uit Zweden, dat op verscheidene manieren een gelijkaardig opzet heeft als het CTB-project.

Tijdens het tweede trimester van 2006 werden alle noodzakelijke voorbereidingen getroffen om de beelden van de juridische bronnen online te kunnen aanbieden. Er werden bestandsnamen gemaakt die conform zijn met de richtlijnen van het Rijksarchief, en samen met Cindy Holtyzer en Ron van den Branden werden de Acces-tabellen met die bestandsnamen omgezet in XML-lijsten. Van de moederbestanden werden exacte kopieën gemaakt, waarna ze nog twee keer gekopieerd werden, en opgeslagen in een lagere resolutie. Het ene exemplaar gaat naar het Rijksarchief, het andere is bedoeld voor de publicatie online die de vorm krijgt van een overzichtelijke en werkbare databank. Bij de databank hoort een handleiding waarin duidelijk zal worden vermeld welke documenten werden opgenomen, en waarin zal worden uitgelegd wat de status van de documenten binnen het juridische proces is. Ook de selectieprocedure en het overzicht van de betrokken archieven wordt aan de onderzoeker aangeboden.

De eigen server van de KANTL beschikt niet over voldoende mogelijkheden om de beelden online aan te bieden. Onderzoek wees uit dat er in Vlaanderen geen oplossing voor dit probleem voorhanden was. In Nederland bleek de TST-centrale vanwege een andere visie over copyrights geen optie, terwijl DANS (NWO/KNAW) pas te recent werd opgericht om op korte termijn soelaas te brengen. Uiteindelijk werd geopteerd om samen te werken met de Britse Arts and Humanities Data Service (AHDS / Oxford Text Archive).

Dit project eindigde op 30 juni 2006 en resulteerde in:

  • Linguistic aspects of law and justice in the United Kingdom of the Netherlands (1815-1830) (Talige aspecten van recht en gerecht in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden (1815-1830)) (Digital corpus Of 19th century legal texts / Digitaal corpus van 19de eeuwse juridische teksten). AHDS Cross-Search Catalogue. http://ahds.ac.uk/catalogue/collection.htm?uri=lll-2515-1

Top

2.2.2. Databank van veertiende-eeuwse niet-literaire Nederlandse teksten. Opbouw en linguïstisch onderzoek
[Uitvoerders: Filip Devos en Barbara Van den Bossche]

Op basis van digitale foto's werden filologische transcripties van een selectie van oorkonden gemaakt, die in een eerdere fase van het project Databank van veertiende-eeuwse niet-literaire Nederlandse teksten. Opbouw en linguïstisch onderzoek werden gefotografeerd (zie jaarverslag 2004). De uiteindelijke transcripties worden bewaard in XML-formaat en maken deel uit van het grotere corpus van veertiende-eeuwse oorkonden dat binnen het bovenvermelde project werd aangevuld. Met dit deelproject werd de netdichtheid van het corpus in de zuidelijke Nederlanden vergroot, m.n. in de 14de-eeuwse schrijfcentra Antwerpen, Mechelen, Geraardsbergen en Brussel.

Waar mogelijk werd aan teksten uit Antwerpen, Mechelen en Geraardsbergen een lokalisering toegekend volgens het systeem Kloeke, en een jaar van ontstaan. In functie van het tijdsmanagement werden zwaar beschadigde oorkonden niet getranscribeerd maar enkel gelabeld volgens lokalisering en jaar van ontstaan.

Per schrijfcentrum komen de oorkonden uit dezelfde of verwante fondsen. Daardoor is de herkomstplaats voor de meeste bronnen dezelfde, al zijn er een paar uitzonderingen. Die konden echter vaak gelokaliseerd worden op een andere, naburige plaats. Hieronder volgt een overzicht van de nieuwe transcripties (per schrijfcentrum):

  • Antwerpen: 91 uit de stad zelf, 5 (niet gelokaliseerd) uit de onmiddellijke omgeving, 2 uit andere naburige plaatsen
  • Geraardsbergen: 47 uit de stad, 1 (niet gelokaliseerd) uit de onmiddellijke omgeving, 13 uit andere naburige plaatsen
  • Mechelen: 3 uit de stad, 7 (niet gelokaliseerd) uit de onmiddellijke omgeving, 21 uit andere naburige plaatsen
  • Brussel: 77 oorkonden

Dit project liep van 13 februari tot 12 juni 2006.

Top

2.3. Humanities Computing

2.3.1. Anna Bijns: elektronische editie van het volledige dichtwerk.
[Uitvoerders: Ron Van den Branden]

Op 28 maart 2006 vond in Nijmegen overleg plaats tussen Ron Van den Branden, waarnemende coördinator Bert Van Raemdonck, de promotor Johan Oosterman en de Nijmeegse medewerkster Judith Kessler die het filologische werk van de editie verricht. Er werd overeengekomen dat de bestaande transcripties worden geanalyseerd om een TEI-opmaakschema te kunnen opstellen. Verder werd de problematiek van de collatie besproken en werd nagegaan welke specifieke vereisten er zijn voor de uiteindelijke editie.

Op 30 mei vond in Gent overleg plaats tussen dezelfde personen. Daar werd een voorstel gedaan voor TEI-conforme XML-opmaak van de gedichtenbundels en handschriften. De opmerkingen en aanbevelingen werden opgenomen in een meer uitgewerkt model, dat na overleg op de TEI mailing list nog sterk werd gewijzigd. Uiteindelijk zullen de gedichtencollecties worden beschouwd als TEI-teksten met één header waarin alle meta-informatie wordt gegeven. Daarbinnen wordt de gedichtenverzameling beschouwd als een groep van afzonderlijke teksten die de respectieve transcripties zullen bevatten. Behalve aan het opmaakmodel werd ook aandacht besteed aan de praktische omkadering. Er werd gekozen voor de Exchanger XML Lite Editor, een geavanceerde XML editor die gratis te verkrijgen is. Daarbinnen werden specifieke hulpbestanden gemaakt die documentsjablonen en -types bevatten, met macro's om veelgebruikte XML-structuren eenvoudig te kunnen invoeren.

Op 3 en 4 juli 2006 werd de transcriptie van de gedichten in een workshop aan de Radboud Universiteit Nijmegen toegelicht voor de student-assistenten die het werk zullen doen. Na een algemene introductie tot XML en TEI op de eerste dag, werd de tweede dag gereserveerd voor een overzicht van het Bijns-opmaakschema en het praktisch transcriberen met behulp van de XML editor. Daarvoor werd gebruik gemaakt van een bewerkte versie van de oorspronkelijke Word-transcripties, waarin afkortingen, marginale bijbelverwijzingen, gedichtregels en paginagrenzen al automatisch waren omgezet naar de corresponderende TEI-tags. Hierdoor wordt de student-assistenten al een aanzienlijk deel van het (mechanische) transcriptiewerk bespaard.

Voor het automatisch collationeren van de variante gedichten werden de mogelijkheden onderzocht. Een interessant gegeven is een open source release van Juxta <http://www.patacriticism.org/juxta/>, een collatiehulpmiddel dat verschillende teksten met mekaar kan vergelijken en een visuele vergelijking van twee tekstversies kan bieden (vergelijkbaar met wat in De trein der traagheid op CD-ROM mogelijk is). Hoewel dit programma voorlopig enkel op visualisering gericht is, blijkt uit persoonlijke communicatie met de ontwikkelaars dat geavanceerder uitvoermogelijkheden tot de toekomstplannen horen, en dat actieve ontwikkeling een kwestie van maanden is. Momenteel lijkt het Collate-programma dat werd ontwikkeld door het team van Peter Robinson de meest complete oplossing voor automatische tekstcollatie. Communicatie met Bert Van Elsacker van het Huygens Instituut heeft al nuttige informatie opgeleverd. Met behulp van Mac-emulatiesoftware kunnen in een volgende fase praktische experimenten worden uitgevoerd.

Er werd verder permanente assistentie verleend bij het transcriptiewerk. Behalve het beantwoorden van vragen over de eigenlijke XML-transcriptie werden nieuwe oorspronkelijke transcripties in Word automatisch omgezet naar basale XML-transcripties waarin afkortingen, marginale bijbelverwijzingen, gedichtregels en paginagrenzen al automatisch zijn omgezet naar de corresponderende TEI-tags. Ondertussen zijn al 303 gedichten uit drie bundels als XML-transcriptie aangeleverd.

Top

2.3.2. Johan Daisne, De trein de traagheid op CD-ROM
[Uitvoerders: Ron Van den Branden en Edward Vanhoutte]

Voor de elektronische editie van De trein der traagheid werd de zoekinterface uitgebreid, voor een volledige ondersteuning van reguliere expressies bij zoekopdrachten en het genereren van frequentielijsten.

Verder werden de Nederlandstalige handleiding en de technische documentatie grondig gereorganiseerd en aangepast aan de nieuwe functionaliteit. Ook werden de XSLT-stylesheets gereorganiseerd en werd hun interne documentatie bijgewerkt, om met behulp van het XSLTdoc documentatiepakket technische documentatie van de XSLT-stylesheets te kunnen genereren.

De XQuery-scripts werden intern gedocumenteerd om gelijkaardige technische documentatie te kunnen afleiden met het xqDoc documentatiehulpmiddel.

De theoretische implicaties van de elektronische editie als experimenteel model werden neergeschreven in drie papers die respectievelijk in 2007, 2006 en 2008 worden gepubliceerd:

  • Vanhoutte, Edward. Every Reader his own Bibliographer - an Absurdity? AHRC (Arts and Humanities Research Council) ICT Methods Network Expert Seminar on Literature. Text Editing in a Digital Environment. London: King's College (Centre for Computing in the Humanities), 24 maart 2006.
  • Vanhoutte, Edward. Three Barriers to the Development of Digital Tools in and for the Humanities. Position Paper. AHRC (Arts and Humanities Research Council) ICT Methods Network Workgroup on Digital Tools for the Arts and the Humanities. London: King's College London (Centre for Computing in the Humanities), 15 juni, 2006. Gepubliceerd als whitepaper door de Canadian Text Analysis Developers Alliance op <http://tada.mcmaster.ca/Main/VanPositionPaper>
  • Vanhoutte, Edward. Traditional Editorial Standards and the Digital Edition. Invited Keynote Address. Learned Love: Dutch Love Emblems on the Internet. Utrecht: Universiteitsbibliotheek. 7 November, 2006.

Top

2.3.3. DALF: Digital Archive of Letters in Flanders
[Uitvoerders: Ron Van den Branden m.m.v Edward Vanhoutte]

In 2006 werd grondig gewerkt aan de editie van de brieven tussen Stijn Streuvels en zijn Nederlandstalige uitgevers, zowel wat betreft de brieven zelf als de XQuery en XSLT infrastructuur die de DALF-editie stuurt (de 'editie-engine'). In het brievencorpus werd een algemene normalisering doorgevoerd van de voorkomende attribuutwaarden in de markupelementen van de brieven. Voor de editie-engine werden aanpassingen doorgevoerd wat betreft functionaliteit en de organisatie van de editie-interface.

Een eerste nieuwe functie die werd toegevoegd, is een bewaarlijst, waarin zoekresultaten kunnen worden opgeslagen en gemanipuleerd. De inhoud van een bewaarlijst kan bovendien worden geëxporteerd als het resultaat van de bewaarde zoekopdrachten in een zip-bestand. Daarbij kan worden gekozen voor drie verschillende export-formaten voor de brieven: XML, XHTML en PDF. Verder werd de mogelijkheid toegevoegd om gebruik te maken van reguliere expressies bij de zoekopdrachten. Naast de bestaande zoekfunctionaliteit werd ook een nieuwe bladerfunctie toegevoegd, die het mogelijk maakt om een documentselectie te bepalen via lijsten van geldige waarden voor geselecteerde zoekcriteria. Een gebruiker kan zo bijvoorbeeld voor een bepaalde categorie (auteur, ontvanger, etc.) een lijst met geldige termen genereren en daarmee verder navigeren naar de documentverzameling die aan dat zoekcriterium voldoet. Op deze manier worden twee onafhankelijke toegangen tot de brievencollectie aangeboden: een via het zoekformulier (georiënteerd op specifieke vragen van de gebruiker) en een via de bladerfunctie (georiënteerd op de gegevens in de brievencollectie). Een andere functionele toevoeging is de implementatie van zogenaamde 'zoeksporen' of breadcrumbs, die een bondige visualisering bieden voor het pad dat de gebruiker doorheen de collectie heeft bepaald door zoek- of bladeropdrachten. Deze zoeksporen tonen de hiërarchie van de gebruikte zoekcriteria en bieden de mogelijkheid om snel te navigeren naar meer algemene zoekcriteria, of om verdere verfijningen aan te brengen via de bladerfunctie. Wanneer brieven worden opgeslagen in een bewaarlijst of worden verwijderd uit een bestaande bewaarlijst, worden de relevante zoeksporen hieraan aangepast.

Daarnaast werd de bestaande functionaliteit verbeterd. De behandeling van het zoekformulier werd robuuster gemaakt. Een specifieke XQuery module zorgt ervoor dat ingevulde formulierwaarden in het zoekformulier kunnen worden bijgehouden en weer kunnen worden opgeroepen. Hierdoor wordt een mechanisme geboden om zoekopdrachten verder te verfijnen. Verder werd onderzocht hoe full-text zoekfunctionaliteit het best kan worden opgezet voor het zoeken in brieven. Zo werd de samenvatting van zoekresultaten uitgebreid met de weergave van de voorkomens van zoekwoorden in de tekst. Als een brief in de resultatenlijst zoekwoorden bevat die in de tekst zelf voorkomen, wordt de context van die zoekwoorden ook aangeboden bij de overzichtslijst, om een snelle evaluatie van de relevantie van het zoekresultaat mogelijk te maken. Verder werd de presentatie van de context-gevoelige zoekhulp in het zoekformulier grondig herwerkt. Deze functionaliteit laat gebruikers toe om lijsten te genereren van geldige zoektermen voor de huidige zoekopracht, alvorens een zoekopdracht uit te voeren. Er werd een onderscheid ingevoerd voor de behandeling van termen die voorkomen in geïndexeerde velden (auteur, ontvanger, namen,...), datumvelden en in de full-text index. Voor de eerste en laatste categorie wordt contextgevoelige hulp nu aangeboden als een alfabetische lijst van alle geldige termen, met een alfabetische bladerfunctie naar vorige of volgende resultaatpagina's. Voor data wordt een contextgevoelige lijst van geldige mogelijkheden aangeboden als een maandkalender waarop de geldige data kunnen worden aangeklikt, met de mogelijkheid om te navigeren naar de maandkalenders van alle andere maanden in het zoekresultaat. Ten slotte werd een specifiek indexeringsprobleem opgelost. Door de hoge granulariteit van de tekstopmaak in de brieven (met onder meer ook de aanduiding van toevoegingen, schrappingen, onduidelijkheden, etc.) bevatten heel wat woorden markup-codes die het woordbeeld verstoren bij het indexeren door de eXist-database. Ondanks de ontwikkeling van zogenaamde range indexes in de eXist-database, die toelaten om bij het indexeren van tekstelementen onderliggende markupcodes te negeren, levert dit nog steeds problemen op voor woorden waarin verwijderde fragmenten zijn aangeduid. Bij het zoeken naar brieven met het woord 'proefdruk' wil een gebruiker ook die brieven vinden waarin dat woord voorkomt binnen de verbetering van drukproef naar proefdruk, terwijl het met de huidige indexconfiguratie van de eXist-database enkel mogelijk is om dit laatste voorkomen te indexeren als 'drukproefdruk'. Daarom werd een XSLT 2-stylesheet ontwikkeld die alle 'onderbroken' woorden normaliseert in een nieuw element. Van alle brieven werd zo een genormaliseerde indexeringsversie afgeleid. Vervolgens kan bij het indexeren worden bepaald dat enkel die genormaliseerde versies in de index moeten worden opgenomen, terwijl bij de visualisering van de brieven toch de niet-genormaliseerde versie kan worden geselecteerd. Deze oplossing kan zonder problemen worden geïntegreerd in de huidige organisatie van de webapplicatie, en is bovendien conform de TEI standaard.

Op het vlak van de interface werd allereerst de visualisering van annnotaties in de brieven verbeterd. Die worden initieel weergegeven als voetnoten, en bij het laden van de pagina door middel van zogenaamde unobtrusive javascript-functies gevisualiseerd als (versleepbare) popup-tooltips. Zo kunnen verschillende annotaties op een flexibele manier tegelijk worden bekeken, naar de voorkeur van de gebruiker. Bovendien blijft de informatie op een inzichtelijke manier toegankelijk voor oudere browsers die de nodige functies niet ondersteunen. Voor die visualisering werden twee hoogstaande Javascript-libraries gebruikt:

Vervolgens werd aandacht besteed aan de integratie van de verschillende zoekmodi in de XHTML-presentatie van het zoekformulier. Vooral datum-georiënteerde zoekopdrachten verschillen immers van andere zoekopdrachten: voor data is het zinvol om te kunnen zoeken naar brieven die voor, na of op een bepaalde datum zijn geschreven, terwijl voor andere zoekopdrachten andere zoekmodi gelden ('brief bevat sommige/alle/geen / ... zoektermen'). Om de eenvoud van de zoekinterface te behouden werd ervoor gekozen om deze verschillen te integreren in de uitbreidbare lijn-georiënteerde visualisering, waarbij elke regel in het zoekformulier correspondeert met een zoekopdracht. Omdat in de XHTML-interface zowel zoekvelden als zoekmodi in een aparte dropdown-box worden gepresenteerd, betekent dit dat afhankelijk van de keuze voor een zoekveld de keuze-opties voor de zoekmodi moeten worden aangepast (zogenaamde dependent select boxes). Hiervoor werd een oplossing gevonden via unobtrusive javascript-functies, die na het laden van de pagina met onder meer alle mogelijke opties voor zoekvelden en zoekmodi, de irrelevante zoekmodi verwijderen uit de keuzelijst, en deze filtering herhalen wanneer andere zoekvelden worden geselecteerd. Op die manier wordt voorkomen dat bepaalde functionaliteit ontoegankelijk wordt voor browsers die javascript niet ondersteunen.

Top

2.3.4. TEI by Example
[Uitvoerders: Ron Van den Branden, Edward Vanhoutte en Melissa Terras]

Het project TEI by Example is een internationaal samenwerkingsproject met The Centre for Computing in the Humanities (CCH) van King's College London, The School of Library, Archive, and Information Studies (SLAIS) van University College London en de Association for Literary en Linguistic Computing (ALLC) en wordt gefinancierd door het CCH en het CTB. Het project staat onder toezicht van een internationale advisory board. De samenstelling van die commissie is, samen met de projectbeschrijving en alle rapporten, te raadplegen op de website <http://www.teibyexample.org.

In 2006 werden de volgende activiteiten ontplooid:

  • TBE-R001: het initiële rapport waaring aandacht wordt besteed aan de planning van het project en de organisatie van het lesmateriaal. Daarnaast worden ook aandachtspunten en mogelijke problemen besproken in verband met de nieuwe versie van de TEI standaard (P5), en een mogelijke keuze voor een XML editor in het didactische opzet.
  • De juridische context van het project werd onderzocht met als resultaat dat werd geopteerd voor een niet-commerciële Creative Commons licentie.
  • Er werd een aanzet gemaakt voor een geüpdatete lijst van XML-tools. De laatste versie van de huidige XHTML-lijst werd omgezet naar een TEI Lite XML-formaat die voor verdere revisie en actualisering in aanmerking komt.
  • Er werd een meetings belegd met het projectteam op 1 december 2006. Daarop werd een aangepast tijdschema besproken, waarin gestreefd wordt naar een presentatie van de eerste resultaten op de conferentie Digital Humanities 2007 in Illinois (USA), begin juni 2007. Het belangrijkste agendapunt betrof een oproep voor voorbeeldfragmenten. Mogelijke partners en communicatiekanalen werden geïdentificeerd, een tijdschema werd voorgesteld en de belangrijkste gegevens voor opname in een oproep voor voorbeeldfragmenten werden geïdentificeerd.
  • In de daaropvolgende week werd deze oproep verspreid over relevante mailing lists, de projecten die vermeld worden op de TEI website, en de leden van de adviescommissie.

Top

2.4. Projectondersteuning

Belangrijke IT-ondersteuning werd door Ron Van den Branden geleverd voor:

  • De taal van rechtspraak en gerecht in het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden (1815-1830)

Top

3. Wetenschappelijke werking

3.1. Wetenschappelijke adviescommissies

Voor een optimale besteding van de gemeenschapsgelden en de garantie van een zo breed mogelijk werkveld, opteert de KANTL voor een projectmatige organisatie van het CTB. De ingediende projecten worden per oproep geëvalueerd door twee gemengde commissies van de KANTL die als adviescommissies fungeren voor het CTB. Voor de gebieden van de teksteditie en het literaire en intellectuele erfgoed is dat de Gemengde Commissie voor Literaire Teksteditie (GCT), en voor de gebieden van de dialectologie, de historische corpusbouw en het talige erfgoed is dat de Gemengde Commissie voor Talige Bronnenstudie (GCB).

3.1.1. De Gemengde Commissie voor Literaire Teksteditie (GCT)

  • Voorzitter: Prof. dr. Werner Waterschoot (Vast Secretaris KANTL)
  • Notulist: Lic. Marijke De Wit (Teamverantwoordelijke KANTL)
  • Waarnemers: Lic. Edward Vanhoutte (Coördinator CTB) en – gedurende diens afwezigheid – Lic. Bert Van Raemdonck (Waarnemend coördinator CTB)
  • Externe adviseurs:
    • Dr. Annemarie Kets-Vree (Huygens Instituut)
    • Prof. dr. Dirk Van Hulle (Universiteit Antwerpen)
  • Leden (stemgerechtigd):
    • Prof. dr. Georges De Schutter (KANTL)
    • Prof. dr. Marcel De Smedt (K.U. Leuven)
    • Prof. dr. Anne Marie Musschoot (KANTL/Universiteit Gent)
    • Lic. Harold Polis (uitgeverij Meulenhoff/Manteau)
    • Prof. dr. Karel Porteman (KANTL/K.U.Leuven)
    • Lic. Leen Van Dijck (AMVC-Letterenhuis)
    • Prof. dr. Rik Van Gorp (KANTL/K.U.Leuven)
    • Dr. Sylvia Van Peteghem (Universiteit Gent) (ontslagnemend)

De GCT heeft in 2006 tweemaal vergaderd:

  • 08/02/2006: De voornaamste agendapunten waren een overzicht van de stand van zaken, de goedkeuring van het extra project Kritische leeseditie van het volledig dichtwerk van Eddy Van Vliet, de uitgave van Vlaamse klassieken, personeelszaken en de samenwerking met commerciële uitgeverijen.
  • 11/10/2006: De voornaamste agendapunten waren een overzicht van de stand van zaken, de samenwerking met het Huygens Instituut, de uitgave van Vlaamse klassieken, de aanwervingsprocedure voor het project Geannoteerde leeseditie van Richard Minnes literaire columns in de krant Vooruit (1946-1965) maar vooral de evaluatie en rangschikking van de kandidaat-projecten die in aanmerking komen voor uitvoering vanaf 2007.

De selectiecommissie voor het project 'La robe et la bordure'. Een elektronische editie van Constantijn Huygens' Ooghen-Troost (1647): proeve van een humanistische handbibliotheek. dat werd goedgekeurd voor uitvoering vanaf 2007 stelde op 21/12/2006 voor om Christophe Van der Vorst aan te stellen als wetenschappelijk medewerker voor dit project.

http://www.kantl.be/ctb/gctb/

Top

3.1.2. De Gemengde Commissie voor Talige Bronnenstudie (GCB)

  • Voorzitter: Prof. dr. Werner Waterschoot (Vast Secretaris KANTL)
  • Notulist: Lic. Marijke De Wit (Teamverantwoordelijke KANTL)
  • Waarnemers: Lic. Edward Vanhoutte (Coördinator CTB) en – gedurende diens afwezigheid – Lic. Bert Van Raemdonck (Waarnemend coördinator CTB)
  • Leden (stemgerechtigd):
    • Dr. Jetje de Groof (VUB)
    • Prof. dr. Georges De Schutter (KANTL)
    • Prof. dr. Magda Devos (Universiteit Gent)
    • Prof. dr. Sera de Vriendt (KANTL)
    • Prof. dr. Dirk Geeraerts (KULeuven)
    • Prof. dr. Guido Geerts (KANTL)
    • Prof. dr. Jan Goossens (KANTL)
    • Prof. dr. Ann Marynissen (Universität zu Köln)
    • Prof. dr. Johan Taeldeman, (KANTL)
    • Prof. dr. Reinhild Vandekerckhove (Universiteit Antwerpen)
    • Prof. dr. Roland Willemyns (KANTL)

De GCB heeft in 2006 eenmaal vergaderd:

  • 20/11/2006: De voornaamste agendapunten waren een overzicht van de het taalkundig onderzoek aan het CTB sinds 2000 en het formuleren van doelstellingen voor het volgende lustrum. De voornaamste doelstellingen zijn uit elke eeuw een aantal verschillende corpora opzetten of laten opzetten, het ontwikkelen van een inventaris van en onderzoek naar toegankelijkheid van verzameld taalmateriaal uit het verleden, en een bevraging van het veld. Verder werd er gedebatteerd over de nventarisatie van mogelijke gebruikers en kanalen voor de verspreiding van informatie over de projecten en de projectresultaten, strategieën voor financiering en andere ondersteuning, en de afbakening van een klein taalkundig project voor 2007.

http://www.kantl.be/ctb/gctb/

Top

3.2. Publicaties, lezingen en gastcolleges

In 2006 publiceerden de medewerkers van het CTB 6 zelfstandige publicaties, 17 artikelen en 17 recensies in tijdschriften, boeken en kranten. Ze hielden tevens 9 lezingen en 2 gastcolleges. De volledige lijst is te raadplegen op <http://www.kantl.be/ctb/pub/publist.htm>.

Als resultaat van projecten van het CTB verschenen volgende zelfstandige publicaties:

  • Frederik Backelandt, Patrick Cornillie en Rik Vanwalleghem. Koarle! Karel Van Wijnendaele. Vader van de Ronde van Vlaanderen. Pinguin Productions – Lannoo, 2006. 184 p., ill., gebonden. ISBN: 90-209-6547-6.
  • Paul Snoek. Gedichten. Tekstkritische leeseditie door Christophe Van der Vorst en Yves T'Sjoen. Met een nawoord van Paul Demets. Tielt: Lannoo – Atlas, 2006.
  • Melissa Terras en Edward Vanhoutte (red.), International Students in IT and the Humanities. A Special Issue of Literary and Linguistic Computing. The journal of Digital Scholarship in the Humanities, 21/supplementary issue (2006). 167 pp.
  • Stijn Vanclooster, De rest is nog veel erger. De briefwisseling tussen Maurice Gilliams en Emmanuel de Bom. Kapellen: Uitgeverij Pelckmans, 2006. 251 p. (ill.). ISBN: 978-90-289-4416-9.
  • Edward Vanhoutte en Marcel De Smedt (red.), Manuscript Variant Genese / Genesis. Gent: KANTL, 2006, 155p. ISBN 90-72474-68-6.
  • Bert Van Raemdonck. Allemaal zeep aan onze zolen. Kroniek van het Nieuw Vlaams tijdschrift (1946-1950). Antwerpen: AMVC-Letterenhuis, 2006. 416 p. (ill.). ISBN: 90-767-8509-0.

Het CTB streeft ernaar om via de website zoveel mogelijk publicaties ook online aan te bieden.

Op 31 december 2006 waren 6 zelfstandige publicaties (18,2%), 41 artikelen (32,5%) en 20 recensies (39,2%) in tijdschriften, boeken of kranten, en 19 lezingen en papers (33,3%) online raadpleegbaar, op een totaal van 33 zelfstandige publicaties, 126 artikelen en 51 recensies in tijdschriften, boeken of kranten, en 57 lezingen en papers.

Het aantal pageviews van de online raadpleegbare zelfstandige publicaties in 2006 kende een terugval en was als volgt:

Titel Pageviews in 2006 (extrapolatie) Pageviews in 2005
Loveling, Virginie. In Oorlogsnood. Virginie Lovelings dagboek 1914-1918. 1.365 (1.638) 1.653
Edward Vanhoutte & Ron Van Den Branden. DALF guidelines for the description and encoding of modern manuscript material. 463 (556) 655
Edward Vanhoutte. Zorgen voor Later? Argumenten voor de Wetenschappelijke Bestudering van de Vlaamse Muzikale en Literaire Archieven, Bibliotheken en Bewaarplaatsen. 331 (397) 666
Edward Vanhoutte & Dirk Van Hulle (red.). Editiewetenschap <!--in de praktijk-->. 2004 (1998). 149 (179) 317
Jan Dewilde, Ron van den Branden & Edward Vanhoutte. Inventaris van de muziekbibliotheek van Jan Baptist Benoit. 104 (125) 152
Edward Vanhoutte & Yves T'Sjoen (red.). Epistolaria. Tekstgenetische studies. 85 (102) 152

http://www.kantl.be/ctb/pub/publist.htm

Top

3.3. Colloquia en studiedagen

De medewerkers van het CTB woonden veertien (inter)nationale colloquia en studiedagen bij, veelal als sprekers.

Zelf participeerde het CTB in de organisatie van de volgende colloquia en studiedagen:

  • Studienamiddag en Hommage Paul Snoek. Gent: KANTL, 20 oktober 2006.
  • Studiedag Digitale Beeldcollecties. Gent: KANTL, 8 december 2006. Organisatie: Vereniging voor Geschiedenis en Informatica (VGI), het Vlaams Centrum voor Volkscultuur (VCV), de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde (KANTL) en het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (CTB)

Top

3.4. Gastcollege

Medewerkers van het CTB verzorgden volgende gastcolleges:

  • Van den Branden, Ron. XSL theory and practice: basics, XPath, functions. Universiteit Antwerpen, 27 Maart 2006.
  • Vanhoutte, Edward. XML in the humanities: An introduction to the TEI and the TEI Consortium. London: University College London, School for Library, Archive, and Information Studies, 8 december 2006.

Top

3.5. Overige activiteiten

De KANTL en het CTB hebben op 15 maart 2006 de CTB-prijs voor Teksteditie 2005 uitgereikt. Laureaat Christophe Van der Vorst gaf naar aanleiding van deze gelegenheid een lezing: 'Auctor et editor: over de kunst van het scheppen en bewaren'.

Op 27 februari werd in CC De Brouckere in Torhout de publicatie Koarle! Karel Van Wijnendaele. Vader van de Ronde van Vlaanderen voorgesteld, waaraan het CTB heeft meegewerkt. De presentatie werd georganiseerd door Pinguin Productions en uitgeverij Lannoo.

Op 23 april 2006 zette de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde naar aanleiding van de Erfgoeddag voor Vlaanderen en Brussel haar deuren open. Het thema van die Erfgoeddag luidde 'In kleur'. De KANTL had voor deze gelegenheid een speciale website aangemaakt, waarop het hele programma vooraf was aangekondigd. De KANTL en het CTB kozen voor deze editie van de Erfgoeddag om zoveel mogelijk facetten van haar dagelijkse werking en activiteiten - waaronder dus ook die van het CTB - onder de aandacht te brengen. Vrijwel alle ruimten van het gebouw die niet (alleen) als bureauruimte worden gebruikt, waren vrij toegankelijk voor het publiek. CTB-medewerker Ruud Ryckaert gaf een sterk gewaardeerde lezing over kleurensymboliek bij de rederijkers, het dicht- en schilderwerk van Paul Snoek was nadrukkelijk aanwezig, het dagboek van Virginie Loveling was raadpleegbaar, en overal waren subtiele verwijzingen naar het door het CTB samengestelde juridische bronnencorpus uit de negentiende eeuw te vinden. De KANTL wist met dit gevarieerde programma maar liefst 605 bezoekers te lokken, een absoluut record in vergelijking met voorgaande gelijkaardige initiatieven.

Op 26 juni 2006 bracht een groep (aspirant-)neerlandici uit Debrecen, Boedapest en Wenen een studiebezoek aan de KANTL. De groep bestond uit 45 studenten die werden begeleid door vier docenten en onderzoekers uit de betrokken universiteiten. De buitenlandse gasten werden verwelkomd door de Vaste Secretaris, kregen een lezing over en een rondleiding door het gebouw door Marijke de Wit, en een lezing van de waarnemende coördinator over de activiteiten en publicaties van het CTB.

Op 20 oktober 2006 om 20.00 u. droegen zes dichters hun favoriete gedicht uit de nieuwe editie voor in het hommageprogramma Ik ben een ruïne van de zee - Herdenking Paul Snoek. Ze lazen ook uit eigen werk. Het ging om Adriaan de Roover, Menno Wigman, Gwij Mandelinck, Paul Demets, Roger de Neef en Peter Holvoet-Hanssen. Tussendoor was er muziek en kwam Paul Snoek heel even weer tot leven in enkele beeldfragmenten waarin hij eigen werk voordraagt. Gudrun de Geyter (Klara) verzorgde de presentatie. De organisatie was in handen van de KANTL en het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie, de vakgroep Nederlandse Literatuur en Algemene Literatuurwetenschap (U Gent) en de Openbare Bibliotheek Gent. Met medewerking van het Vlaams Fonds voor de Letteren.

http://www.kantl.be/ctb/event/2006.htm

Top

3.6. Onderwijs

In 2006 doceerde Edward Vanhoutte de cursus Humanities Computing: Electronic Texts aan de Universiteit Antwerpen.

Top

3.7. CTB Prijs voor Teksteditie 2006

De Bestuurscommissie van de KANTL heeft beslist om de CTB Prijs voor Teksteditie te hervormen tot een tweejaarlijkse prijs om zo meer inzendingen te genereren. De volgende CTB Prijs wordt toegekend in 2007.

Top

3.8. Samenwerking en contacten

3.8.1. Internationaal

3.8.2. Nationaal

Top

4. Publiekswerking

4.1. Website

Het dagelijkse contact met de buitenwereld gebeurt via de website van het CTB die in 2006 opnieuw gevoelig werd uitgebreid en enkele malen per week werd aangepast. De bezoeker kan op de website informatie vinden in 12 grote rubrieken:

Op 1 maart 2006 werd een nieuw programma in gebruik genomen voor de analyse van de webstatistieken. Bijgevolg kunnen alleen statistieken worden weergegeven voor de periode maart tot december 2006.

In die periode werd het CTB-domein 7.938 maal bezocht. De homepage van het CTB kreeg 3.432 pageviews. Voor het hele domein zijn er 5.837 unieke bezoekers die per maand 1.109 pageviews genereren. Er valt interesse te noteren uit (in afnemende volgorde) België, Nederland, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Duitsland, Frankrijk, Polen, Ierland, Italië, Canada, Oostenrijk, Spanje, Zweden, Portugal, Finland, Australië en China. Van de overige tien rubrieken werden - in afnemende volgorde - de lijst van publicaties van het CTB, het jaarverslag 2005, het jaarverslag 2004 en de online publicaties het meeste geraadpleegd.

Top

4.2. Evenementen

Het CTB organiseert tal van evenementen waarmee het een breder publiek probeert te bereiken. Zie hiervoor 3.5. Overige Activiteiten.

5. Administratieve werking

5.1. Handboek

In 2006 werd een handboek opgesteld met daarin procedures, statuten, en principes die de professionalisering van het CTB moeten waarborgen. De onderdelen van het handboek dat een dynamisch managementinstrument is, werden door de Bestuurscommissie van de KANTL goedgekeurd. Het handboek bevat de volgende procedures en statuten:

  • De selectie en prioritering van ingediende projecten: Procedure.
  • De selectie van geschikte project-medewerkers: Procedure.
  • Gemengde Commissie voor Literaire Teksteditie GCT: Statuten.
  • Gemengde Commissie voor Talige Bronnenstudie GCB: Statuten.
  • Samenstelling en aanstelling van projectcommissies: Procedure en Statuten.
  • Principe van uitgeefovereenkomst en royalty-verdeling tussen het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie en derden.
  • Principes voor de uitgave van teksten

5.2. Personeel

Bert Van Raemdonck nam de functie van coördinator waar van 1 januari tot 30 september 2006. Edward Vanhoutte nam de functie van coördinator weer op vanaf 1 oktober.

In 2006 waren er 10 wetenschappelijke medewerkers actief (waaronder twee coördinatoren) en 1 administratief medewerkster:

  • Coördinatie:
    • Bert Van Raemdonck: Waarnemend coördinator (tot 30/09/2006)
    • Edward Vanhoutte: Coördinator (vanaf 1/10/2006)
    • Cindy Holtyzer: Secretariaat
  • Wetenschappelijk medewerkers: Filip Devos, Isabel Rotthier, Ruud Ryckaert, Marleen Smeyers, Els Van Damme, Barbara Van den Bossche, Ron Van den Branden, Christophe Van der Vorst.

In termen van voltijdse eenheden (vte) stelde het CTB het laagste aantal te werk sinds zijn bestaan, in termen van personen het derde hoogste aantal:

Jaar Tijdelijk (vte) Vast (vte) Totaal (vte)
2006 8 (4) 3 (1,75) 11 (5,75)

Top

5.3. Communicatie

De interne communicatie tussen de coödinator en de medewerkers, promotores en leden van de adviescommissies (GCT en GCB) wordt geregeld via omzendmails die regelmatig worden verstuurd. Daarnaast bezocht de coördinator elk project minstens vier maal (trimestrieel). De externe communicatie verloopt via de website van het CTB <http://www.kantl.be/ctb/>, gerichte mailings, aankondigingen op Neder-L en via de pers.

Top

5.4. Secretariaat

Naast de dagelijkse administratie van het CTB en de administratieve ondersteuning van de projecten en de werking van het CTB, werd er door de administratieve medewerkster Cindy Holtyzer ook actief meegewerkt aan enkele projecten om te transcriberen en te scannen. Door de halftijdse tewerkstellng van de administratieve medewerkster, werd de coördinator meer belast met administratieve en secretariële taken. Door de gewaardeerde hulp van het secretariaat van de KANTL werd de werkdruk tot een aanvaardbaar maximum beperkt.

Top



Edward Vanhoutte
Coördinator CTB